
Ik weet zeker dat de meeste ouders – en dan met name de vaders – bij het zien van de bovenstaande titel denken: ‘het zal mijn tijd wel duren’, en in hun vuistje lachen. Maar dat zou een kapitale vergissing van hun kant zijn. Want tijdens zijn toespraak tot de deelnemers van een van de regionale consultaties van de Wereldcommissie voor Dammen, merkte de Zuid-Afrikaanse minister van Onderwijs en WCD-voorzitter Kader Asmal (geciteerd in WCD, 1999: 3) het volgende op:
‘De Commissie is een prototype voor wat ik graag zie als de echte Nieuwe Wereldorde. Ze wordt niet gedomineerd door één agentschap of door één regering, of door de VN of de Wereldbank. De Commissarissen zijn vooraanstaande personen uit de voorhoede van het dammendebat en als groep vertegenwoordigen zij alle werelden die daarin samenkomen: het internationale bedrijfsleven, NGO’s die betrokken zijn bij milieu- en sociaal activisme, de academische wereld, de overheid en de ingenieursberoepsgroep.’
Ik durf te wedden dat u, net als ik, geen flauw benul had hoe controversieel het onderwerp dammen was in de jaren ’90. Maar blijkbaar was het de oorzaak van veel tandenknarsen, en dus een probleem dat schreeuwde om een oplossing. Gelukkig werd die gevonden in de vorm van een commissie, waarover onze eerste link het volgende meldt: ‘We traceren de vele moeilijke stappen die nodig waren om een orgaan en een proces te creëren dat alle belanghebbenden (stakeholders) tevreden zou stellen. Dit narratief illustreert het proces en de uitdagingen van het vormen van een multi-stakeholder institutioneel antwoord op een zeer omstreden nationale en internationale kwestie.’
En dat is een letterlijk citaat uit ‘The Origin of the World Commission on Dams’¹, dat in april 1997 werd gepubliceerd.